Mijn ingang zit verderop


Kooigevecht

Bij een groot zalencomplex, met sporthal, moet ik ergens een parkeerplek zien te vinden. Ik kom voor het kooroptreden, waar een vriendin aan deelneemt.
Een vriendelijke jongen regelt het verkeer. Raampje open, ‘waar kan ik parkeren?’. ‘Komt u voor het kooigevecht?’, vraagt hij bloedserieus. ‘De eerste drie letters zijn hetzelfde’, lach ik. ‘Ik kom voor het koor.’
Wat ik het meest amusant vind aan zijn opmerking, is dat hij mij, een ouwe taart alleen in de auto, inschat als fan van een kooigevecht. Op de parkeerplaats lopen inderdaad mensen naar de ingang van de sporthal, daar zal de strijd uitgevochten worden. Mijn ingang zit een eindje verderop, hier geen zweterige halfblote lichamen die in elkaar verstrengeld zijn. De dames van middelbare leeftijd zingen gewoon hun liedjes en blijven keurig van elkaar af.
‘Saai hoor’, grap ik tegen mijn zingende vriendin in de pauze. Volgende keer gaat ze meedoen aan het kooigevecht, belooft ze.

By |2026-02-05T10:08:01+01:005 februari 2026|Columns|0 Comments

Leave A Comment

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.