Dagelijks maak ik een wandelingetje door de sneeuw. De ene keer om een boodschap te doen of om bij een afspraak te komen, de andere keer puur voor het plezier. Want die witte deken heeft iets magisch.
Bij de spoorsloot staat een wandelaar naar de overkant te turen. Hij heeft, net als ik, geen hond bij zich, geen kinderen met slee. Zelfs geen telefoon, althans niet zichtbaar in zijn hand. ‘Waar kijk je naar’, vraag ik nieuwsgierig, als ik hem genaderd ben. Want met die witte deken spreek je makkelijker iedereen aan. ‘Daar een witte reiger, bij dat wak. Goed gecamoufleerd met dit weer.’ Ah, een vogelliefhebber. ‘Ik zag vandaag een lijster in mijn tuin’, sluit ik me aan bij zijn onderwerp. ‘Die zie ik anders nooit, ik denk dat hij vanwege de kou zijn voedsel verder van huis zoekt.’ Dat zou zomaar kunnen, beaamt de wandelaar goedmoedig.
Tevreden wandel ik verder, door die magische, witte stille wereld.
Leave A Comment